Hoofdmenu

Actueel

Het coronavirus als levensles voor ons allemaal

     Corona 760x537   ©  Nederweert24.nl                                                                                                                                                                 

Het lijkt al weer zo lang geleden en toch, het is was vorige maand pas dat we besloten onze gezamenlijke verjaardagen maar niet te vieren. Te riskant, met zoveel mensen bij elkaar. De kinderen? Nee die moesten ook maar thuis blijven, was verstandiger. In Brabant begon het aantal zieken op te lopen, in de rest van het land was het nog nauwelijks doorgedrongen. En nu, we leven in een totaal andere wereld. Dit hebben we nog nooit meegemaakt. Nog nimmer zijn wij verplicht geweest op afstand van elkaar te blijven, zo min mogelijk naar buiten te gaan en niet te reizen.

De anderhalvemetersamenleving noemt premier Rutte het.

Volgens mij past dat niet eens op een scrabblebord, zesentwintig letters maar liefst! Wie had kunnen denken dat we allemaal met een boogje om elkaar heen zouden lopen en verwijtend zouden kijken naar mensen die de regels aan hun laars lappen. Bij Albert Heijn, om kwart over zeven ’s morgens, wacht ik op een afstandje tot de vakkenvuller de yoghurt heeft bijgevuld. Pak ik een karretje zonder muntje, dat net door een medewerker is schoongepoetst. Ik heb blauwe handschoenen aan die ik bij vertrek in de vuilnisbak deponeer. Kortom, ik ben al helemaal geprogrammeerd en dat is maar goed ook. Het lijkt de enige manier om deze crisis te overwinnen, als we allemaal meewerken tenminste.

We houden contact met elkaar via WhatsApp, FaceTime en andere beschikbare apps. O ja, gewoon bellen kan ook nog. Door al die broodnodige maatregelen ziet het dagelijks leven er heel anders uit. Vooral voor ouders van schoolgaande kinderen, die niet alleen zelf thuis hun werk moeten doen, maar tussendoor ook hun kinderen moeten helpen met hun schoolwerk, zelf luiers moeten verschonen en hapjes klaarmaken voor de kleintjes. Onthouden hoor, straks, als ze weer naar school of opvang gaan, wat een werk je normaal uit handen genomen wordt. Voor alleenstaanden is het ook een moeilijke tijd. Normaal, op je werk, de sportclub of bij andere bezigheden, spreek je mensen, al gaat het maar over het weer, je praat. Nu zit je thuis, doet je werk, laat misschien de hond uit, maar verder is er niets te beleven. Dan is het voor ons, als gepensioneerd stel lang zo moeilijk niet. Wij zijn nog steeds gezond, hebben elkaar en zitten in elk geval samen thuis. Eten samen, drinken koffie of een drankje. Wij boffen maar.

De gesprekken, vaak op afstand gevoerd, gaan over onderwerpen waar we het anders nooit over hebben. De mensen in de zorg, die zo keihard moeten werken, mondkapjes die er niet zijn en intensive care bedden. Meneer Jaap van Dissel en Diederik Gommers, de inspectie van Volksgezondheid. We hebben er ineens allemaal verstand van, en soms (of vaak?) weten we het zelfs beter dan de deskundigen. We lezen de cijfers van overledenen en nieuwe patiënten en liefst ook van herstelden. Hoe het in Italië gaat en in China, in Spanje en vooral ook in de Verenigde Staten. Waar Trump nog dommere uitspraken doet dan we van hem gewend waren, met de meest vreselijke gevolgen.

Ik hoop dat we het gauw weer achter ons kunnen laten en verder kunnen gaan met het ‘gewone’ leven, praten en denken over alledaagse dingen. Maar optimistisch ben ik nog niet. Zelfs in onze technisch geavanceerde samenleving hebben wij hier niet zo maar een antwoord op. Maar ook wanneer alles weer normaal is, kunnen we hier nog lering uit trekken. Want misschien is dat het lastigst te accepteren. Dat we dachten het allemaal wel te beheersen, te weten hoe alles moest. Het blijkt niet zo te zijn. En daar hebben we het voorlopig mee te doen.

Miriam Vaz Dias

Plaats reactie