Hoofdmenu

Actueel

15 april 1945 – 15 april 2020

 flitsen024a

Bij ons hangt de vlag uit! Niet die van ‘We helpen elkaar”, nee gewoon die roodwitblauwe. Het is vandaag namelijk vijfenzeventig jaar geleden dat Leeuwarden bevrijd werd en dat was wel niet heel Friesland, maar ik vind dat ik vandaag ook wel voor de provincie kan vlaggen. Vijfenzeventig jaar geleden was voor mijn vader en moeder en voor vele anderen hier de opluchting groot. Ik zeg bewust opluchting en nog niet blijdschap. Er was nog veel onzeker.

Mijn vader zat in Balk, mijn moeder, hoogzwanger, was in Molkwerum, mijn broer Isra en oudste zus Betty, waren in Echtenerbrug en Liesje, toen de jongste, was in Hendrik Ido Ambacht. Allen waren ondergedoken natuurlijk en de vraag was dus ook, zijn ze er allemaal nog? En dan heb ik het nog alleen maar over het gezin, niet eens over andere familieleden, over hen was ook niks bekend.

Voor wie mij al een poosje volgt, is het niet nieuw dat ik voor de verhalen over de belevenissen van mijn familie aangewezen ben op het boekje Flitsen uit 1940-1945 dat mijn broer schreef, toen hij na de oorlog weer naar school ging. Voor mijn ouders was het geen onderwerp van gesprek, dat snap ik ook best. Als het zo uitkomt, lees ik er in en altijd weer zie en lees ik dingen die me ontschoten waren of die ik wellicht over het hoofd had gezien. Het is het verhaal van een jongen van veertien jaar, zonder opsmuk, nuchter verteld. Al kwam hier toch stiekem een beetje emotie om de hoek.

‘Op 18 april zouden we naar Lemmer, naar de Canadezen. We wilden eerst ’s morgens gaan, maar dat kon niet om een of andere reden. En dat was maar goed ook! Want wie kwam daar om een uur of elf aanzetten!? Mijn vader!!! Nou, dat was een weerzien, dat begrijp je! ‘

Het zou nog veertien dagen duren voor ze ook mijn moeder weer zagen én een nieuw zusje, dat op 1 mei geboren was en Pautie heette. Pas op 1 juli werden ze verenigd met Liesje in Hendrik Ido Ambacht, waar ze ook gingen wonen. Pas in 1948 maakte ik het gezin compleet.

Toen wij, mijn eerste man Etske, en ik vijfentwintig jaar later in Friesland gingen wonen, was mijn moeder daar heel blij mee. Ze was deze provincie zo dankbaar en dat is goed voor te stellen. Om maar iets te noemen, toen ze in 1944 zwanger bleek te zijn, moesten zij en mijn vader elk naar een ander adres. Op de boerderij waar ze toen verbleven, vond men het risico met een zwangere vrouw te groot. Mijn moeder kwam, zoals gezegd, in Molkwerum terecht, een dorp aan het IJsselmeer, tussen Hindeloopen en Stavoren. Het telde in mijn moeders woorden precies ”één NSB-er, maar dat was geen verrader”. Een groot deel van het dorp wist ervan dat mijn moeder onderduikster was en hielp haar aan alle kanten. Van hemden en lakens werden babykleertjes gemaakt en als er iets voedzaams te krijgen was, kreeg zij dat ook.

Het was trouwens niet vanzelfsprekend geweest dat ze gingen onderduiken, mijn vader voelde daar aanvankelijk namelijk niets voor, hij wilde niet vluchten voor de vijand. Uiteindelijk won mijn moeder het pleit, er waren immers ook nog drie kinderen. Isra maakte een treffende illustratie in zijn boekje over dit huiselijke conflict.

flitsen018a

Helaas was mijn vader er niet meer toen wij hier naar toe gingen, maar met mijn moeder en ook met mijn broer en zussen, hebben we menig ritje naar Gaasterland gemaakt. Het huisje waar Pautie geboren werd staat er nog, al is het nu een vakantiehuisje. Het staat pal naast het kerkje, waar de man des huizes koster was. Het huis in Echtenerbrug, waar Betty en Isra, toen Theo en Bertie Bakker geheten, acht maanden geweest zijn, staat er nog en ook dat is inmiddels vakantieverblijf geworden.

We zijn inmiddels in 2020 beland en als de coronacrisis er niet tussen gekomen was, zou ik in deze weken gastlessen gegeven hebben op mijn oude school. Dat zou de eerste keer geweest zijn. Na de herdenkingen van Auschwitz realiseerde ik mij, dat de generatie die dit allemaal meegemaakt heeft, het niet meer kan doen. Zij zijn nu te oud of ze zijn er helemaal niet meer. Ik heb een plicht, vind ik, aan mijn familie, aan al die anderen die minder geluk gehad hebben dan wij, maar ook aan Friesland, dat hen behoed heeft voor de ondergang. Mijn moeder zou het prachtig gevonden hebben, daar ben ik zeker van. Ik hoop mijn voornemen volgend (school)jaar te kunnen waarmaken.

Miriam Vaz Dias

Reacties   
+1 #3 Marijke van den hoe. 16-04-2020 14:26
Wat een verhaal Miriam. Mijn familie en ik ook kwamen moeizaam, gewoon wat vermagerd de hongerwinter in Rotterdam door. Wel moeilijk maar niet met jouw familie te vergelijken. Een belangrijke verhaal van jou
om volgend jaar op de scholen te vertellen !!!!
Citeer
+1 #2 ada 16-04-2020 09:28
Fijn Miriam, dat je even aan de Corona voorbij gaat en ons heel dichtbij jezelf laat komen. Dat doe je in je recensies op een andere manier ook wel, maar dit is nu echt aan de orde en ontroert me.
Citeer
+1 #1 Ynze 15-04-2020 17:27
Mooi om te lezen, ook voor de volgende generatie(s)
Citeer
Plaats reactie