Hoofdmenu

Genderneutraliteit, niet moeilijk, gewoon doen!

 gender

Als ik me voorstel, noem ik mijn naam, voornaam en achternaam. Ik denk er niet altijd bij na, het is een gewoonte natuurlijk. Maar eigenlijk geef ik daarmee aan, hoe ik aangesproken wil worden. Dit ben ik, Miriam Vaz Dias, noem mij maar Miriam. Mijn moeder stelde zich nog voor als mevrouw Vaz Dias, dat was heel gebruikelijk in die tijd. Er was zelfs een aparte term voor ongetrouwde vrouwen, zij waren “juffrouwen”. Voor ongetrouwde mannen bestond zo’n benaming, voor zover mij bekend, niet.

Als je in die tijd iemand een brief wilde schrijven en die correct wilde adresseren, moest je daar wel even de tijd voor nemen. Je moest namelijk weten wat de  maatschappelijke functie was van de geadresseerde, had die persoon al of niet gestudeerd en was hij of zij  dan ook nog gepromoveerd? Was het mr., drs., of dra. wellicht. Weledelgestrenge of weledel(zeer)geleerde, of zelfs wel hoogedelgestrenge?  Voor wie welke aanspreektitel gold, weet ik echt niet meer, maar er waren er veel, dat weet ik nog wel. Het is gelukkig geschiedenis geworden.

Nou zijn daarmee niet zo maar alle problemen opgelost.

4 mei, Dodenherdenking, voor wie?

 Loesje

Vanaf mijn vroegste jeugd herinner ik me dat moment van stilte. Niet opgelegd, het was onderdeel van het leven in ons (Joodse) gezin. Als het mooi weer was en we buiten speelden, werden we bijtijds binnengeroepen. Aanvankelijk zaten we om de radio heen, later bij de tv, om de gebeurtenissen te volgen en voor ons, kinderen, vooral ook om op tijd stil te zijn. De Last Post klonk, daarna de stilte en dan het, ja, als bevrijdend klinkende Wilhelmus.  Ons volkslied, waar vaak kritiek op is, de tekst verouderd, de melodie niet van deze tijd , ontroerde en ontroert me op 4 mei nog steeds. Omdat het dan de vrijheid karakteriseert.

De persoonlijke pijn van mijn ouders was voelbaar, al werd die niet uitgesproken.

Paaseitjes en Blue Band hebben niets met identiteit te maken!

{jcomments on}       boter130116 paaseitjes

Zo lang mogelijk heb ik het woord willen mijden, vooral omdat het zo misbruikt wordt. Toch kan ik er niet omheen, identiteit. Zo op het oog is er niets mis mee, het kwam in de vijftiende eeuw al voor in het Middelnederlands, maar is natuurlijk afkomstig uit het Latijn. Vandaar dat we het in heel veel Europese talen tegenkomen, uiteraard met vormverschillen, identité, identity enzovoort. We kennen sociale, culturele, persoonlijke en natuurlijk ook nationale identiteit. Allemaal aspecten eigenlijk van één begrip.

Identiteit zou je kunnen beschouwen als een grote doos met daarin heel veel eigenschappen.

Wat is eigenlijk die joods-christelijke traditie?

 

 religie

Alain Verheij, zelfbenoemd Theoloog des Twitterlands (hoe bedenk je het), plaatste deze week een petitie online. Hierin stelt hij dat een groot aantal politici ten onrechte gebruik, ja zelfs misbruik maakt van de term christelijke traditie. Als een soort muur om je achter te verschuilen als het over “vreemdelingen” gaat. Wij Nederlanders, weet je wel, van dat gave land? Ik begrijp helemaal wat hij bedoelt, maar als ik zijn betoog verder lees, mis ik iets.

Kleur bekennen, over Wit is ook een kleur van Sunny Bergman

 wit is ook een kleur

Zelden heeft een documentaire mij zo aan het denken gezet als die van Sunny Bergman, Wit is ook een kleur. Als ik van een ding zeker ben geweest, mijn hele leven, dan is het wel dat ik niet discrimineerde, geen verschil maakte, als ik mensen ontmoette. Gelijkwaardigheid is in mijn overtuiging een groot goed.