Hoofdmenu

Diverse

Schoolherinneringen in geur en kleur

 1965

Het is dinsdag, nou niet de dag van de week waar Wilfred en ik naar uitkijken, al weten we dat de paasvakantie er aan komt en de week dus al op donderdag eindigt. Maar dinsdag, we beginnen om tien over acht en hebben dan les tot tien voor zes! Niet om door te komen. 

Bij het wakker worden hoor ik de vader en moeder van mijn vriendin al in de keuken. Door omstandigheden woon ik mijn laatste schooljaar bij haar en de geluiden zijn meer dan bekend. Mevrouw Van der Weijde zet thee en maakt brood klaar, voor haar man en voor ons. Wij draaien ons nog even om, het is nog niet onze tijd. Als we Wilfreds vader “nou, tot vanavond” horen zeggen, weten we dat het onze beurt is. De thee staat er al even en smaakt bitter, zeker bij de witte boterhammen met zoete hagelslag. Ik drink hem manmoedig op.

 

Met fris gepoetste tanden, tassen en brooddoosjes, stappen we even later op de fiets. We zwaaien nog even naar de derde verdieping waar mevrouw van der Weijde in haar lichtroze ochtendjas met bloemetjes terugzwaait, dat doet die lieverd elke dag. We moeten flink doortrappen, want te laat komen is er niet bij als je les hebt van mejuffrouw Annie Langelaar. Zij is muziekpedagoge en we hebben elke week zes lesuren met haar. Zingen, blokfluiten, muziektheorie, praktijkles ritmiek op de kleuterschool en koorzang. Dat laatste vind ik geweldig. Ik kan niet goed zingen, maar leuk vind ik het wel. Het spannendst is het handzingen. Voor elke noot heeft ze een gebaar en wij, ingedeeld in alten, mezzo's en sopranen moeten de noten zingen die zij aangeeft. Zo  komt er een driestemmig gezang tot stand, zoals ik dat later nooit meer gehoord heb. “En vooral door de ógen zingen, dames!” Haar eigen stralende zwarte oogjes laten perfect zien wat ze daarmee bedoelt. Helaas, vandaag geen koor, maar praktijkles. Het eerste uur krijgen we zelf ritmiek en het uur daarna geven twee klasgenoten les aan een groep van dertig tot veertig kleuters. De speelzaal ruikt niet al te fris, een geur van zweterige gymschoenen en ongewassen shirtjes brengt juffrouw Langelaar er elke week opnieuw toe ons er op te wijzen dat meisjes van onze leeftijd (!)  wel dagelijks dienen te douchen. Ja, opvoeden begint bij de kwekeling zelf.

Onze pauze zijn we voor een deel kwijt aan de fietstocht van praktijk- naar opleidingsschool. Maar gelukkig, we zijn nog op tijd voor de bakkerskar van Jan. O, de geuren die daar uit komen, van vers brood en koek, maar vooral die van  krakelingen, want op dinsdag zijn die ovenvers. Soms zijn ze zelfs nog warm en dan kleven ze extra! Daar geef ik dus met liefde mijn laatste kwartje voor uit en ik lik mijn vingers er bij af .

Van juffrouw Brummel krijgen we didactiek en ook zij geeft ons de nodige en onnodige, opvoedkundige adviezen. De zwarte lijntjes boven de ogen, voor ons horen ze erbij, maar foei, als zij het ziet, zwaait er wat. Dan tekenen van Lou Ten Bosch, ons grote idool, van het artistieke type met  zijn lange, wat slungelige benen, zijn zwart fluwelen jasje, witte bloes  en rode strikje. Hij exposeerde regelmatig in Pictura,  het Dordtse Walhalla van de moderne kunst. Wij gingen dan uiteraard kijken.

Het venijn van de dinsdag zit in de staart, juffrouw Bartstra, kinderpsychologie, van vier tot tien voor zes! Mijn enige troost is het uitzicht vanuit het lokaal. Door de grote ramen tuur ik naar de Maas, grote en kleine schepen komen voorbij, het is er altijd druk. Maar ja, als Wilfred mij laat zien hoe juffrouw Bartstra met haar bovenmatig uitstaande oren voorbij komt zeilen, is het mis. We worden eruit gestuurd. En waren we nou maar naar huis gegaan! Maar nee, wij moeten zo nodig wachten tot de rest van de klas vertrekt en fietsen dan ook nog wat pesterig om de juffrouw heen.

Woensdagmorgen, melden bij de directeur. We worden van school gestuurd! Zoals wij ons misdragen hebben! De stem van directeur Bouma knettert door de kamer, een half uur lang. We krijgen een psychologieboek mee van vijftig jaar geleden. “Schrijf dat maar over en kom na de vakantie maar eens praten.  We druipen af, weg vakantiestemming. En mochten we hopen dat onze ouders daar niets van zouden merken, dan hebben we het helemaal mis! Onze grote vriend de conciërge komt ons al tegemoet. Hij heeft net een brief bij ons thuis afgeleverd. Dinsdag is zuurkool-dag bij de familie Van der Weijde en hoewel het mijn favoriete eten is, word ik zelfs niet blij van de toch heerlijke geur van uitgebakken spek en worst die mij in het trappenhuis tegemoet komt.

Na een paar stevige donderbuien van Wilfreds ouders en de mijne, wordt het toch vakantie. De maandag daarna begint in de kamer van de directeur.  Weer een knetterende preek en dan mogen het nog één keertje proberen.

Miriam Vaz Dias  7-6-2016

Reacties   
0 #1 Anneke Zijlstra 14-06-2016 15:43
Hallo Miriam , wat leuk geschreven , je ziet het zo voor je ! Wat lijkt Lea veel op jou , toen je nog studeerde !

Hartelijke groeten , succes , Anneke
Citeer
Plaats reactie