Hoofdmenu

Lea

 

Soms vraag ik me af hoe echte columnisten dat doen. Je wilt schrijven over de grote wereldproblemen, of op zijn minst over de Nederlandse politiek. Maar dan is er iets in je eigen leven, dat die problemen op een afstand houdt.  O, er zijn professionele collega’s die heel vaak over hun eigen familie schrijven. Ze hebben het dan over hun kinderen als Zoon of Dochter, alsof ze geen namen hebben en eigenlijk bij niemand horen.

Ik houd het maar het liefst bij de buitenwereld, dan breng ik de omgeving ook niet in verlegenheid. Maar nu lukt het niet.

Het huis, de kerst en de NRC

IMG 20151227 160816 2

Met kerst speelt het zijn eigen rol. Ik kan me geen andere gelegenheid bedenken, waarbij ik dat zo sterk voel. Al weken van te voren lijkt het huis zich aan te passen aan wat ervan verwacht wordt. Van de zolder tot de schuur, alles doet mee. Ik begin met de zolder. Hoeveel bedden hebben we? Hoeveel dekbedden? Kussens? Handdoeken? Kunnen er tien personen slapen en zo ja, hoe pak ik dat dan aan? De zolder geeft mee, na wat opruimwerkzaamheden en een poetsbeurt , biedt hij ruimte aan vier, eenvoudige, maar doelmatige slaapplaatsen. De tijdelijke bewoners brengen slaapzakken mee, heerlijk, dat scheelt een hoop strijkwerk achteraf.

Het eind zoek op Facebook

Het eind zoek op Facebook

Toegegeven, een beetje Facebook-verslaafd ben ik wel. Ik kijk toch elke dag wel minstens een keer of er iets belangrijks gemeld is door een van mijn vrienden of vriendinnen. De een post een foto, maar meestal meer dan één, de ander deelt een interessant artikel uit een tijdschrift of zo. Allemaal prima, volgens mij is dit sociale netwerk daar ook voor bedoeld. Ik kan bekijken en lezen wat ik wil en al of niet reageren. Eigen keus.

Toch moet mij iets van het hart. Zonder iemand te willen kwetsen of beledigen, want dat is wel het laatste wat ik wil.

K.

K.

Een letter, maar ook een ziekte. Mijn moeder noemde die ziekte zo, alsof je hem daarmee kon bezweren. Daar geloven we al lang niet meer in. We noemen het beest gewoon bij de naam, kanker dus. Een ziekte die je inderdaad een beest zou kunnen noemen. Een dreigend beest, zo dreigend en gemeen dat het zelfs een scheldwoord geworden is. Een woord dat te pas en te onpas overal voorgezet wordt. 

Show, don ’t tell

 

Kan het zijn dat je op je zevenenzestigste het gevoel krijgt, meer van je moeder te begrijpen, dan in die  vele jaren ervoor?  Terwijl ik altijd dacht, dat ik haar al begreep toen ik veertig was, zelf kinderen had en zo. Maar dat ging over het in de wereld staan als moeder. De verantwoordelijkheid die ik voelde, die moest lijken op die van haar. Zoals die van zoveel moeders over de hele wereld,  beseffen dat de toekomst belangrijk is. Dat je er, waar mogelijk, voor moet zorgen, dat je kinderen opgroeien in een leefbare wereld.