Hoofdmenu

Het geheim van geduld?

Het geheim van geduld?
Iets anders doen terwijl je wacht.

Het laat zich niet stillen, het verlangen om te schrijven. Hoewel het niet meevalt om vanuit liggende positie en dan nog wel op een tablet een stukje te produceren, ga ik het toch
proberen.
Natuurlijk, er gebeurde de afgelopen weken weer van alles, minstens drie columns waard!
Maar ik had even wat anders aan mijn hoofd. Althans, ik zag de wereld vanuit een ander perspectief. Niet alleen letterlijk, doordat mijn rug mij niet overeind wilde houden, maar
vooral ook figuurlijk. Mijn wereld werd een stuk kleiner, beperkte zich tot meer elementaire zaken.
Niets deed ik 
met de opmerkingen van Halbe Zijlstra over de vrijheid van meningsuiting die voor hem niet van toepassing is op al onze landgenoten. Niets met de problemen van
vluchtelingenkinderen in Heumensoord. In mijn wereldbeeld pasten slechts de juiste pijnstillers, voldoende kussens op mijn bed en de vraag hoe ik het best in het ziekenhuis kon
komen. De ambulance was geen pretje, de wegen in Leeuwarden zijn hobbeliger dan je denkt.

Ineens was ik patiënt, compleet met een liefdevolle mantelzorger. Ik kreeg en krijg lekker thee en koffie, geen alcohol, want dat past niet bij de medicijnen. Ontbijt, lunch en warme
maaltijd. Full service! Wat een lieve vrienden hebben wij, warme maaltijden worden kant en klaar bezorgd! Dag na dag. Van stamppot tot hartige taart en van moussaka tot bami.
Allemaal heerlijk! En ik? Ik vond het al een overwinning als ik met ondersteuning naar mijn eigen bed kon. Nee mij hoor je niet klagen. Als er al iets is waar ik last van heb is het de tijd.
Niet dat ik die tekort kom in tegendeel, ik 
heb veel te veel tijd. En dan bedoel ik wachttijd. Een bezoek aan de orthopeed neemt alles bij elkaar drie uur in beslag.
Inclusief het maken van foto's. Dan is er anderhalve week 
wachten op een scan. Waarmee ik bof, want dat kan ook rustig zes weken zijn. Ik knijp mijn handjes dicht!
Als we vragen wanneer de uitslag er zal zijn, horen we 25 maart! Over vierenhalve week! Soms word ik daar moedeloos van. Maar dan is Hans daar om me op te beuren en ervoor te
zorgen dat ik de specialist op 7 maart aan de telefoon kan krijgen. Dat is te overzien.

Inmiddels gaat het beter en hoop ik de hoeveelheid medicijnen die ik nu krijg langzaam te kunnen afbouwen. Afwachten maar!
En mijn lieve lezers, binnenkort hoop ik weer een echte column te schrijven, dus ook voor jullie geldt: nog even geduld!

Lea

 

Soms vraag ik me af hoe echte columnisten dat doen. Je wilt schrijven over de grote wereldproblemen, of op zijn minst over de Nederlandse politiek. Maar dan is er iets in je eigen leven, dat die problemen op een afstand houdt.  O, er zijn professionele collega’s die heel vaak over hun eigen familie schrijven. Ze hebben het dan over hun kinderen als Zoon of Dochter, alsof ze geen namen hebben en eigenlijk bij niemand horen.

Ik houd het maar het liefst bij de buitenwereld, dan breng ik de omgeving ook niet in verlegenheid. Maar nu lukt het niet.

Het huis, de kerst en de NRC

IMG 20151227 160816 2

Met kerst speelt het zijn eigen rol. Ik kan me geen andere gelegenheid bedenken, waarbij ik dat zo sterk voel. Al weken van te voren lijkt het huis zich aan te passen aan wat ervan verwacht wordt. Van de zolder tot de schuur, alles doet mee. Ik begin met de zolder. Hoeveel bedden hebben we? Hoeveel dekbedden? Kussens? Handdoeken? Kunnen er tien personen slapen en zo ja, hoe pak ik dat dan aan? De zolder geeft mee, na wat opruimwerkzaamheden en een poetsbeurt , biedt hij ruimte aan vier, eenvoudige, maar doelmatige slaapplaatsen. De tijdelijke bewoners brengen slaapzakken mee, heerlijk, dat scheelt een hoop strijkwerk achteraf.

Het eind zoek op Facebook

Het eind zoek op Facebook

Toegegeven, een beetje Facebook-verslaafd ben ik wel. Ik kijk toch elke dag wel minstens een keer of er iets belangrijks gemeld is door een van mijn vrienden of vriendinnen. De een post een foto, maar meestal meer dan één, de ander deelt een interessant artikel uit een tijdschrift of zo. Allemaal prima, volgens mij is dit sociale netwerk daar ook voor bedoeld. Ik kan bekijken en lezen wat ik wil en al of niet reageren. Eigen keus.

Toch moet mij iets van het hart. Zonder iemand te willen kwetsen of beledigen, want dat is wel het laatste wat ik wil.

K.

K.

Een letter, maar ook een ziekte. Mijn moeder noemde die ziekte zo, alsof je hem daarmee kon bezweren. Daar geloven we al lang niet meer in. We noemen het beest gewoon bij de naam, kanker dus. Een ziekte die je inderdaad een beest zou kunnen noemen. Een dreigend beest, zo dreigend en gemeen dat het zelfs een scheldwoord geworden is. Een woord dat te pas en te onpas overal voorgezet wordt.