Hoofdmenu

Taormina, ooit de kers op de Siciliaanse taart, waar ben je?

 sicili2018Ons paradijsje,Terrenia, Trappitello

 

Vijftien jaar geleden zei ik het al: “Sicilië, dat moet je gezien hebben”. Samen met mijn zus maakte ik een rondreis over het eiland. Het was mei en heel Sicilië stond in bloei. Van bougainville tot oleander en van klaproos tot brem. Het was een feest van kleuren. En dat was niet het enige. Er was daar op cultureel en historisch gebied zo veel te zien. Eigenlijk had ik het jaar erna wel weer gewild. We maakten allerlei andere reizen, Scandinavië, Frankrijk, Portugal, Spanje en zelfs Japan. Maar het bleef trekken. Dit jaar was het dan zo ver.

De voorpret alleen al, ik stippelde een route uit, zocht hotelletjes en B&B ’s.

Vliegen? Geen paniek!

Transavia

In 1967 kreeg ik mijn vliegdoop. Een vriendinnetje zat als au pair in Engeland en ik mocht een lang weekend naar haar toe. Van Zestienhoven naar Londen, het daadwerkelijke vliegen duurde nog geen uur, maar voor mij was alles eromheen, het vliegveld, de douane, de vliegtuigtrap, een ervaring om nooit meer te vergeten. Ik vond het fascinerend. Dat had trouwens wel een teleurgestelde vriendin tot gevolg. In mijn fascinatie was ik vergeten een slof sigaretten mee te nemen van de Taxfree shop.  Ze stuurde me nog net niet terug!

Bonaire III

Bonaire

Het eiland is heel kleurrijk, om te beginnen de bevolking. Het is een smeltkroes van mensen uit de hele wereld. Je ziet er oorspronkelijke bewoners, afstammend van de eerste indianenstammen die erheen trokken, Zuid-Amerikanen, Afrikanen, Europeanen, maar ook Aziaten en alle soorten mensen daar tussenin. Er wonen er zo’n zeventienduizend, het grootste deel in Kralendijk, de hoofdplaats en de rest in Rincón, dit zijn ook de enige plaatsen op het eiland.  De rest is ruig gebied, droog, warm en bezaaid met rotsen, cactussen en de meest grillige bomen die ik ooit gezien heb. Hier en daar in het land staat een huis, vaak van hout, kleurig beschilderd (geweest), met eromheen een stuk grond, waarop vaak oude vervallen voertuigen staan en andere,  ondefinieerbare zaken.

 

Ayo Bonaire, hallo Leeuwarden

flamingoairport

Als er nergens meer iets van ons rondzwerft, zelfs alle laders uit de stopcontacten verdwenen zijn en alle handdoeken en lakens hangen te sneldrogen in zon en warme wind, kunnen we zeggen dat we klaar zijn voor vertrek. Maar het zou onzinnig zijn om nu, om half elf weg te gaan. Ons vliegtuig stijgt pas om kwart over vijf op. We halen de belegde broodjes die we onszelf vanaf de eerste dag al beloofd hadden en strijken neer op ons prachtige terras. Geen straf hoor, het is daar heerlijk, oh wat zal ik dit missen!

Om drie uur dragen we het huis én de sleutelbos over en stappen we bij Albert in de taxi.

Bonaire, een tropische verrassing

flamingo 

Ooit van een troepiaal gehoord, een lora of een prikichi?  Als je me dat vier weken geleden gevraagd had, was mijn antwoord bij de troepiaal vast geweest dat het een soort militair was of zo, zo een die met zijn troepen, vandaar de naam,  op weg is. Een lora,  exotisch kleed misschien? En die prikichi? Lekker pittig hapje op een stokje uit India of zo, waar je veel bij moet drinken om er geen verbrande tong aan  over te houden. Mis! Allemaal mis! Het zijn vogels, ze komen voor op Bonaire en ik heb ze gezien!